Terug

Telefoonfuik

Dit werkboek is ontworpen als instrument om het telefoongebruik van studenten inzichtelijk te maken. Door middel van gerichte opdrachten en reflectievragen analyseren studenten hun eigen telefoongedrag. De werkbladen bevatten heldere opdrachtomschrijvingen en expliciete verwachtingen, zodat duidelijk is wat er van de student wordt gevraagd. Het werkboek stimuleert bewustwording en moedigt studenten aan om – waar nodig – zelf verantwoordelijkheid te nemen en concrete verbeterstappen te formuleren. De bijbehorende docentenhandleiding geeft inzicht hoe je studenten kunt begeleiden in het doorlopen van de opdrachten.

Auteur:

Roy de Regt

Onderwijsinstelling:

Hout- en Meubileringscollege – Amsterdam

Rol:

Docent

Het Practoraat Mediawijsheid & Burgerschap voert praktijkgericht onderzoek uit om nieuwe ideeën te testen en kennis te vergaren ter verbetering van de onderwijspraktijk. Roy de Regt, werkzaam bij het Hout- en Meubileringscollege, richtte zich op het samen met studenten in kaart brengen van het probleem rondom telefoongebruik op school. Door studenten actief te betrekken bij het analyseren van het vraagstuk ontstaat bewustwording en meer begrip voor eventuele schoolkeuzes in een later stadium. Dit leidde tot de ontwikkeling van een werkboek met duidelijke opdrachten en verwachtingen, waarmee studenten inzicht krijgen in hun eigen telefoongebruik. Het werkboek stimuleert reflectie en moedigt – waar nodig – aan tot gedragsverandering.

Wat was de aanleiding van je onderzoek?
Binnen de schoolmuren gaat het veel over telefoongebruik op school. Wat doen we ermee in de lessen? En moet er niet een telefoonverbod komen in de klas of misschien zelfs op school?
Ook als ik tijdens mijn pauze door de gangen loop, zie ik groepjes studenten niet met elkaar praten, maar zich afzonderen en naar hun schermpjes kijken. Er worden nauwelijks nog gesprekken gevoerd. Roken is ongezond; daar bestaat geen twijfel over. Maar buiten onder de rokers zie ik verbinding: studenten praten. Binnen zie ik vaak het tegenovergesteld: stilte en schermen. Dat verschil bracht mij bij de vraag wat telefoongebruik doet met mentale gezondheid en sociaal gedrag.

In welke context vond je onderzoek plaats (les, klas, team, school breed)?
Dit begon als iets voor school: een soort onderzoek waarmee ik advies kan geven of kan helpen bij het formuleren van een visie op het gebied van telefoongebruik. Maar gaandeweg werd duidelijk dat dit een groot onderwerp is. Daarom is het belangrijk om eerst in kaart te brengen wat het probleem precies is en de student hiervan bewust te maken, voordat we er als school iets mee gaan doen. Ook helpt dit om meer begrip te creëren, mocht de school later een keuze moeten maken.
Daarom heb ik de focus gelegd op de student: samen met studenten het probleem in kaart brengen. Een mogelijke vervolgstap is om hier vervolgens ook daadwerkelijk iets mee te doen. Op die manier begrijpt de student waar het vandaan komt en is de student meegenomen in het verhaal.

Wat wilde je te weten komen?
Ik wilde nagaan of de artikelen die ik had gelezen over telefoongebruik klopten. Daarom wilde ik dit testen met onze eigen studenten. Ik ben begonnen met het ophalen van data bij de studenten over wat er speelt op het HMC. Hiervoor heb ik werkbladen gemaakt waarop studenten opdrachten konden doen die te maken hebben met schermtijd.
Een voorbeeld is de opdracht met een klok van 24 uur. Studenten keken in de instellingen van hun telefoon hoeveel schermtijd zij per dag hadden en vulden dit in op de klok. Zo werd inzichtelijk hoeveel tijd ze dagelijks met hun telefoon bezig zijn. Deze opdracht was het startpunt en heeft geleid tot een werkboek met verschillende opdrachten om studenten bewust te maken van hun telefoongedrag. Dit werkboek kan worden ingezet als lessenreeks, bijvoorbeeld binnen het vak burgerschap.

Wat wilde je opleveren?
Ik wilde een werkboek ontwerpen dat ingezet kan worden om het telefoongebruik van studenten inzichtelijk te maken, zodat zij zich bewust worden van het probleem en worden aangemoedigd om er (waar nodig) iets aan te doen. In deze werkbladen staat een duidelijke opdrachtomschrijving voor de student, inclusief wat er van de student verwacht wordt. Zelf had ik de ambitie om een volledige lessenreeks te ontwerpen, maar daar had ik helaas niet genoeg tijd voor. Daarom is het gebleven bij werkbladen. Een docent kan hieromheen een lessenserie opzetten waarbij de werkbladen kant-en-klaar ingezet kunnen worden.

Hoe heb je je onderzoek aangepakt (informatie vinden, experts bevragen etc.)?
Zoals ik eerder aangaf, vond ik online veel artikelen over telefoongebruik bij jongeren en de mogelijke nadelige gevolgen. De vraag is echter: hoe groot is dit probleem binnen onze doelgroep? Daarom heb ik naast literatuuronderzoek ook data opgehaald bij onze studenten. Hieronder een lijst van de literatuur die ik als startpunt heb gebruikt.

Het Stages of Change Model (voorheen “Transtheoretical model”), vaak gebruikt in gedrags- en verslavingspsychologie, beschrijft gedragsverandering als een proces waarin mensen zelf door fasen gaan. Bijvoorbeeld van geen besef dat verandering nodig is tot vrijwillige actie en onderhoud. Verandering is in dit model eerder effectief wanneer de persoon zelf de behoefte herkent.

Waar liep je tegenaan?
Ik heb met veel plezier gewerkt aan het onderzoek, waardoor ik ook snel al een prototype had waarmee ik kon gaan testen. Waardoor de volgende stap ook voor de hand liggend was. Dus heb al met al een een hele fijne cyclus doorlopen.

Wat gaf je energie?
Ik heb me beziggehouden met een onderwerp dat speelt onder jongeren en met de effecten daarvan. Wat je op je telefoon doet, is normaal gesproken heel persoonlijk. Door de werkbladen ontstaat er nu inzicht in dit gedrag. Daardoor kunnen niet alleen jij als docent, maar ook de studenten onderling het gesprek hierover aangaan.

Wat hebben andere docenten aan je onderzoek?
Momenten die vroeger rust gaven, bijvoorbeeld wanneer je op de trein wachtte, worden nu vaak opgeslokt door doomscrollen op je telefoon. Daardoor krijgen je hersenen nauwelijks nog rust, met mogelijk mentale klachten als gevolg. Maar klopt dat eigenlijk wel? Als het probleem zo groot is als onderzoekers aangeven, is het waardevol om dit als student in kaart te brengen. Want als studenten zich niet bewust zijn van hun telefoongebruik, is de motivatie om er iets aan te doen meestal laag. Daarom heb ik een werkboek ontwikkeld om dit samen met je studenten te onderzoeken. Het werkboek bevat vier werkbladen die inzicht geven in telefoongebruik: van het in kaart brengen van schermtijd tot het herkennen van ‘trigger-apps’ die bijna automatisch worden geopend, vaak zonder dat je het doorhebt.

Info leermiddel

Dit werkboek (met bijbehorende docentenhandleiding) is ontworpen als instrument om het telefoongebruik van studenten inzichtelijk te maken. Door middel van gerichte opdrachten en reflectievragen analyseren studenten hun eigen gedrag.

Publicatiedatum:

03 maart 2026

Laatst bijgewerkt:

15 april 2026

Type:

Niveau:

Thema:

Tijdsduur:

Groepsgrootte:

Taxonomie van Bloom:

On / Offline:

Rollen:

Type video:

Dit is open leermateriaal van het Practoraat Mediawijsheid en vallen onder de licentie Creative Commons CC BY-NC-SA 4.0

Info leermateriaal

Dit werkboek (met bijbehorende docentenhandleiding) is ontworpen als instrument om het telefoongebruik van studenten inzichtelijk te maken. Door middel van gerichte opdrachten en reflectievragen analyseren studenten hun eigen gedrag.

Publicatiedatum

03 maart 2026

Laatst bijgewerkt

15 april 2026

Type

Niveau

Thema

Tijdsduur

Groepsgrootte

Taxonomie van Bloom

On / Offline

Zes rollen van de docent

Type video

Dit is open leermateriaal van het Practoraat Mediawijsheid & Burgerschap en vallen onder de licentie Creative Commons BY-NC-SA 4.0

Gerelateerd materiaal:

Programmeren met ChatGPT

Deze uitwerking toont hoe ChatGPT is gebruikt om te leren programmeren, met als resultaat een bronvermeldinggenerator die studenten automatisch helpt bij het correct vermelden van bronnen.

Online pesten 5 |  Hoe kan een situatie lopen?

De laatste les in deze serie bespreekt drie uitkomsten van een online situatie: escalatie, de-escalatie of niets doen. Wat gebeurt daarbij? Welke keuzes leiden tot welke uitkomst?

Online pesten 4 |  Gesprekken openen zonder confrontatie

De vierde les van deze serie gaat over gespreksvaardigheid. Hoe open je het gesprek over online pesten en stel je open vragen? Hier verdiep je je in deze vaardigheden.