Terug

Leesdidactiek 1 | Kennismaken project en tekst selecteren

Onderwerp

  • Informatiezoekvaardigheden;
  • Leesmotivatie;
  • Eigen regie in leren.

Competentie

  • Informatie vinden
  • Reflecteren op mediagebruik
  • Discussiëren over media

Benodigdheden

Laptop per student | Digibord | Elke student heeft oortjes die werken met de laptop

In te zetten bij

Nederlands | Burgerschap | SLB

Lesdoelen

De studenten kunnen hun keuze voor een boekfragment toelichten op basis van hun persoonlijke interesse, voorkennis en de gebruikte presentatiepagina’s.

Te leveren producten

Een keuze voor het SALEBO- of SOLEBO-traject en een definitieve keuze voor een boekfragment.

Beginsituatie

Deze lessenserie is gebaseerd op principes van samenwerkend en coöperatief leren (Kerpel, 2024). Door het leesproject SALEBO en SOLEBO leren studenten actief met elkaar via positieve wederzijdse afhankelijkheid, individuele aanspreekbaarheid, gelijke deelname en simultane interactie. Binnen het samen lezen en doorgronden van teksten ligt de nadruk op gedeeld tekstbegrip (Kuiken, F., Moeken, N. en Welie, C., 2016).

Tegelijkertijd stimuleert de lessenserie mediawijsheid door studenten mediawijze elementen als digitaal bewustzijn, mediaconsumptie, bronbetrouwbaarheid en online beïnvloeding te laten herkennen en duiden in boekfragmenten. Deze aanpak sluit aan bij de kwaliteitscriteria voor effectief begrijpend leesonderwijs: kennisrijke teksten, heldere leesdoelen, instructie van strategie n en actieve verwerking in betekenisvolle taken (Snel & Kennistafel, z.d.).

De studenten hebben eerdere leeservaringen opgedaan (binnen Nederlands en het onderwijs). Het kan zijn dat er bij eerdere ervaringen niet altijd ruimte was voor eigen keuze of een mediawijze invalshoek. Ook kan het zo zijn dat de leeslijst niet hedendaags en, of zorgvuldig samengesteld was. De bijgevoegde leeslijst tracht dat wel te zijn.

Wees je ervan bewust dat in het algemeen de leesmotivatie onder Nederlandse studenten laag is. Maak gebruik van jouw relatie met de student en koppel continu, waar mogelijk, de verschillende boekfragmenten aan de belevingswereld van de student. Benoem de mogelijkheden die dit project biedt en verwijs naar de video’s die te bekijken zijn. Wakker de leesmotivatie aan.

Tip: Het is essentieel dat de docent de student stimuleert om zich in meerdere presentatiepagina’s te verdiepen. Neem de tijd voor dit proces. Laat je als docent niet opjagen door tijd, neem de tijd voor het gehele project. Een overhaaste of ondoordachte keuze heeft een negatief effect op de leesmotivatie van een student. De student is eigenaar van dit leesproject.

Deze les is onderdeel van een lessenserie:

Vooruitkijken - 45 min.

Mogelijke lesopener (of kies een eigen fragment): neem een fysiek exemplaar mee van Auxiety (2020), geschreven door Dieuwertje Heuvelings. Vertel dat het boek gaat over een selfmade rapper Amir, die bekendstaat onder de naam Strijder. In het boek deelt Strijder een snippet van zijn nieuwste track.

‘Daarin maakt hij duidelijk dat hij geen homo’s als fan wil. Dat wordt hem niet in dank afgenomen! Op social media wordt hij bedreigd en boekingen worden gecanceld. En als hij in een talkshow op tv de zaak probeert recht te zetten, mislukt dat totaal.’ – Lezen voor de lijst

Strijder gaat door een moeilijke tijd heen en gebruikt verdovende middelen als lean. Creatieveling Lemuël de Graav voelde zich geïnspireerd door het boek en maakte de video Amir of Strijder voor Auxiety van Club Lees (VPRO).
Speel klassikaal het fragment af voor de klas. Nadat het fragment is afgelopen, kan je de volgende vragen stellen:

  • Wat voor rol speelt jouw telefoon in moeilijke tijden?
  • Welke invloed heeft sociale media op jou wanneer jij je niet goed voelt?
  • Hoe communiceer jij online of via de telefoon wanneer jij je niet goed voelt?
  • Wat doe je als jij je niet goed voelt en je wordt gebeld of geappt, vertel eens?

Je kan dit klassikaal bespreken. Een andere mogelijkheid is om de vragen verspreid in het klaslokaal te leggen (één vraag per A3-vel). Terwijl de studenten met elkaar het gesprek aangaan over de vraag in hun midden, kunnen ze in steekwoorden de input opschrijven.

Heb je uitgebreid de tijd? Dan kan je de vellen laten rouleren, totdat elke groep elke vraag heeft gehad. Bespreek kort klassikaal na. Wees je ervan bewust dat de studenten al met elkaar hebben gesproken, perspectiefwisseling heeft al plaatsgevonden.

Tot slot, maak de koppeling duidelijk tussen het boek en een mediawijze invalshoek en schakel door naar de introductie van het leesproject SALEBO en SOLEBO.

Uitvoering - 60 min.

Terugkijken - 15 min.

Auteur:

Bram Barentsen

Onderwijsinstelling:

Hout- en Meubileringscollege Amsterdam

Rol:

Docent Nederlands

De docenten van het Practoraat Mediawijsheid doen praktijkgericht onderzoek om nieuwe ideeën uit te proberen en kennis op te doen om de onderwijspraktijk te verbeteren. Bram Barentsen van het Hout- en Meubileringscollege Amsterdam onderzocht hoe hij de leesvaardigheid en mediawijsheid van zijn mbo-studenten kon stimuleren. Hij zag dat studenten meer gemotiveerd lezen als ze samenwerken, keuzes krijgen en actief met teksten aan de slag gaan. Daarom ontwikkelde hij een lessenserie met coöperatief lezen, rollen, leesposters en peerfeedback. De serie biedt een activerend alternatief voor traditionele methodes en sluit aan bij de belevingswereld van studenten.

Wat was de aanleiding van je onderzoek?
In mijn onderwijspraktijk behandel ik al enige tijd de tekst Niemand heeft ooit plezier gehad bij het spelen van het sinterklaasdobbelspel (2021) van Amarens Eggeraat (VICE Benelux). Studenten lezen deze tekst in een groep van drie, waarbij ze zelf een rolverdeling hanteren: die van projectleider, werkvoorbereider en meubelmaker — elk met eigen leestaken. Daarnaast zijn de studenten als drietal verantwoordelijk voor één gezamenlijk werkblad. Deze aanpak is gebaseerd op principes van samenwerkend lezen (Kuiken, F., Moeken, N. en Welie, C., 2016).

Deze doelgroep, studenten Ondernemend meubelmaken leerjaar 1 en leerjaar 2, raakt gemotiveerd om te lezen wanneer zij een gezamenlijke verantwoordelijkheid en keuzemogelijkheid hebben. Ook werkt het motiverend wanneer de studenten een stappenplan of werkwijze kunnen volgen. Studenten willen niet puzzelend lezen, maar juist met elkaar in gesprek gaan over het onderwerp, stilstaan bij opvallende woorden als ‘sociaal glijmiddel’, reageren op een provocerend argument van de schrijver en onderzoek doen naar de betrouwbaarheid van een tekst.

Ik wilde onderzoeken en uitvergroten wat werkt binnen de huidige leesdidactiek, om effectief leesonderwijs te geven. Naar mijn mening is het noodzakelijk om collega’s Nederlands en mijzelf een alternatief te bieden om af te stappen van leesonderwijs dat niet werkt. Denk hierbij aan online lesmethodes waarin studenten digitaal teksten lezen en individueel meerkeuzevragen beantwoorden. Zo ontstond het idee om samenwerkend lezen binnen het Hout- en Meubileringscollege door te ontwikkelen om zowel de leesvaardigheid als de mediawijsheid te versterken.

In welke context vond je onderzoek plaats (les, klas, team, school breed)?
Mijn onderzoek vond plaats binnen het Hout- en Meubileringscollege Amsterdam, specifiek binnen het team Meubel BOL 4. De focusgroepen bestonden uit twee tweedejaars klassen, beiden van de richting Ondernemend meubelmaken. Bij het onderzoek waren studenten, onderzoeksdocenten van het practoraat Mediawijsheid en vakdocenten Nederlands betrokken.

Wat wilde je te weten komen?
Ik wilde achterhalen wat mbo-studenten helpt om leesvaardiger en mediawijzer te worden. Hierbij lag de focus op tekstbegrip, leesmotivatie en en betekenisgeving.

Wat wilde je opleveren?
Mijn doel was om een toepasbare vorm te ontwikkelen die studenten ondersteunt bij het betekenisvol verwerken van een gelezen tekst, met aandacht voor samenwerking, woordenschat, keuzevrijheid en mediawijsheid. Geen toetsmoment, maar een leeservaring. Niet resultaatgericht, maar een persoonlijke verwerking.

Hoe heb je je onderzoek aangepakt (informatie vinden, experts bevragen, etc.)?
Mijn onderzoek begon met het interviewen van studenten over hun ervaringen met de huidige leesdidactiek. Daaruit bleek dat zij meer klassikaal en in groepen willen werken. Studenten willen actief iets doen met de tekst en staan open om meer te leren over media(wijsheid) — al gaven ze aan dat ze lastig kunnen verwoorden wat ze daarover willen leren.

Meerdere studenten benoemden dat veel tekstsen ‘voor ouderen zijn’ en gaven aan dat thema’s herkenbaar en relevant moeten zijn. Een diversiteit aan onderwerpen is hierbij essentieel: van fictief en informatief tot binnen en buiten de wereld van het beroep waarvoor ze studeren. Concentratie is voor velen een uitdaging bij het lezen; taakgerichte leesaanpakken helpen hen om zich te focussen.

Voor verdieping in de didactiek van samenwerken gebruikte ik de GIPS-principes voor coöperatief leren (Kerpel, A., 2024): gelijke deelname, individuele aanspreekbaarheid, positieve wederzijdse afhankelijkheid en simultane interactie. Uit de kwaliteitskaart voor effectief leesonderwijs(Snel, M. & Kennistafel Effectief Leesonderwijs, z.d.) haalde ik de volgende vier samenhangende bouwstenen:

  • Laat studenten gedurende langere tijd lezen over een kennisrijk, breed thema.
    • Geef hen een duidelijk leesdoel.
  • Laat studenten gevarieerde teksten van goede kwaliteit lezen.
    • Motiveer hen om te lezen.
    • Leer hen hun tekstbegrip te monitoren, herstellen of versterken.
  • Laat studenten actief aan de slag gaan met teksten door erover te praten en te schrijven.
  • Verzamel gegevens over de leesontwikkeling en pas daar je onderwijs op aan.

Op basis van de geraadpleegde literatuur en de interviews met de studenten, formuleerde ik de volgende ontwerpeisen voor mijn product:

  • Coöperatief ontwerp: studenten werken samen in rollen of groepen — passend bij hun behoefte aan interactie en samenwerking;
  • Productgerichte output: de leeservaring krijgt een zichtbare vorm, zoals een poster;
  • Concrete mediawijsheid: het ontwerp bevat instructies of voorbeelden rondom mediawijze invalshoeken;
  • Thematische flexibiliteit: de inhoud is aanpasbaar op basis van interesse of voorkennis, zodat studenten zich kunnen herkennen in het onderwerp;
  • Toegankelijkheid voor zwakkere lezers: er is ruimte voor differentiatie, bijvoorbeeld via strategiekaarten of extra uitleg;
  • Formatieve feedbackmogelijkheden: studenten geven elkaar feedback aan de hand van duidelijke criteria of rubrics, wat het leerproces versterkt.

Op basis van deze ontwerpeisen ontwikkelde ik een lessenserie die bijdraagt aan de leesvaardigheid én mediawijsheid van studenten. De serie bestaat uit vier fases: een verkenningsfase om tot een leeskeuze te komen, (samenwerkend of individueel) lezen, het maken van een leesposter en een peerreview waarin studenten met elkaar in gesprek gaan over hun leeservaringen.

Literatuur

Waar liep je tegenaan?
Het was een uitdaging om het prototype door te ontwikkelen op basis van feedback van stakeholders. Testen van het prototype was niet mogelijk, omdat het om een volledige lessenserie gaat. Dit betekent dat ik een definitief product heb ontwikkeld zonder het in de praktijk te hebben kunnen uitproberen. Om te voorkomen dat de lessenserie niet passend zou zijn, heb ik het prototype besproken met een vakgroepcollega en studenten. Toch merkte ik dat het lastig was om structureel feedback op te halen, omdat ik hen, door de realiteit van een werkweek, niet wekelijks op de hoogte hield van mijn onderzoek. Dat is zeker een leermoment gebleken.

Wat gaf je energie?
Dat ik een lessenserie heb weten te ontwerpen die zich zowel richt op leesvaardigheid als mediawijsheid. Daarnaast voelt dit product als een samenkomst van de behoeften van de student, mijn eigen lespraktijk, zelf ontwikkeld lesmateriaal en de geraadpleegde literatuur. Ook is het waardevol dat ik een hedendaagse leeslijst heb samengesteld. Deze heb ik verwerkt in een hand-out, vier lesbrieven, presentatiepagina’s bij elk boekfragment op de leeslijst en een voorbeeldposter.Tot slot ben ik tevreden over de lessenserie, omdat ik ervan overtuigd ben dat deze manier van leesonderwijs daadwerkelijk bijdraagt aan de leesvaardigheid van studenten.

Wat hebben andere docenten aan je onderzoek?
Het leesproject SALEBO en SOLEBO biedt docenten een alternatief voor de standaard leesdidactiek, zowel bij het vak Nederlands als bij burgerschap. Het sluit aan bij wat studenten motiveert en stimuleert hen om na te denken over tekst, beeld, taal en media. Docenten kunnen de hand-out en leesrollen gebruiken, eigen fragmenten toevoegen of de bestaande opvragen, en variëren in verwerking of deze één-op-één overnemen

Info leermiddel

In deze les kiezen studenten een leesfragment en -route uit waarmee ze gaan werken voor dit leesproject.

Publicatiedatum:

25 augustus 2025

Laatst bijgewerkt:

12 november 2025

Type:

Niveau:

Thema:

Tijdsduur:

Groepsgrootte:

Taxonomie van Bloom:

On / Offline:

Rollen:

Type video:

Dit is open leermateriaal van het Practoraat Mediawijsheid en vallen onder de licentie Creative Commons CC BY-NC-SA 4.0

Info leermateriaal

In deze les kiezen studenten een leesfragment en -route uit waarmee ze gaan werken voor dit leesproject.

Publicatiedatum

25 augustus 2025

Laatst bijgewerkt

12 november 2025

Type

Niveau

Thema

Tijdsduur

Groepsgrootte

Taxonomie van Bloom

On / Offline

Zes rollen van de docent

Type video

Dit is open leermateriaal van het Practoraat Mediawijsheid & Burgerschap en vallen onder de licentie Creative Commons BY-NC-SA 4.0

Gerelateerd materiaal:

AV-competenties in het AI-tijdperk

De opkomst van AI verandert het audiovisuele vak ingrijpend en vraagt om nieuwe kennis en competenties om als mediaprofessional toekomstbestendig te blijven.

Telefoongebruik gesprekstool

De ideale dag is een gesprekstool die slb’ers helpt om met studenten in gesprek te gaan over hun telefoongebruik.

Kennisbank bouwen

Dit stappenplan biedt concrete handvatten om een kennisbank zo in te richten dat studenten zelfstandiger en gestructureerder kunnen leren.