JE HEBT ONS GEHACKT

emoji

Dan is deze conferentie echt wat voor jou!

Lespakket | Fake news, media & politiek | Les 1 Hoe beïnvloedt een politieke mediacampagne jouw stemgedrag?

Trolls, fakenews, filterbubbels en alternatieve feiten. Prik daar als MBO-student nog maar eens doorheen op zoek naar eerlijke verkiezingsinfo. En politiek is al lastig te begrijpen zónder nepnieuws.

Lespakket | Fake news, media & politiek | Les 1 Hoe beïnvloedt een politieke mediacampagne jouw stemgedrag?
Tijdsduur:
60 min.
Mbo-niveau:
2/3/4
Benodigdheden:
Beamer, laptop
In te zetten bij:
SLB, Nederlands, Burgerschap

Competentie

Begrip

Thema

Nieuws en informatie verwerken

Lesdoelen

  • De student begrijpt hoe de mediacampagnes van de politieke partijen invloed uitoefenen op zijn stemgedrag.
  • De student kent vijf strategieën waarmee politieke partijen het stemgedrag proberen te beïnvloeden in de campagne.

Te leveren producten

N.v.t.

Beginsituatie

Je start met de lessen rondom ‘fake news, media & politiek’. Dit pakket bestaat uit vijf lessen. Deze kun je behandelen in aanloop naar de Gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart.

In de eerste drie lessen ga je met de studenten kijken naar hoe je nieuws tot je neemt en wat het met je doet. Dit heeft vooral betrekking op de competentie ‘Begrip’ uit het Mediawijsheid Competentiemodel. Dit is de eerste les.

Les 1, Hoe beinvloedt een politieke mediacampagne jouw stemgedrag
Les 2, Filterbubbel
Les 3, Iedereen opiniemaker
Les 4, Herkennen van nepnieuws
Les 5, Nepnieuws, hoe maak je het

Vooruitkijken - 20 min

Voorkennis activeren
De media zijn niet meer weg te denken uit de politieke arena en zijn van essentieel belang voor een democratische samenleving. De campagnespotjes op tv, de posters langs de kant van de weg, de advertentiebanners en campagnes op sociale media. Rond verkiezingstijd zetten zij ieder medium in om jou, de kiezer, te bereiken.

Bespreek met jouw studenten de volgende vragen:

  • Waarom is media van essentieel belang voor een democratische samenleving?
  • Geven deze campagnes een goed beeld van de politieke werkelijkheid?
  • Via welke kanalen blijf jij op de hoogte van wat er speelt in jouw Gemeente rond verkiezingstijd?
  • Via welke kanalen blijf je op de hoogte van wat er in de maatschappij gebeurd buiten verkiezingstijd?
  • Hoe kun je feiten van meningen onderscheiden? En, wanneer is iets een feit?

 

Instructie
Politieke partijen denken goed na over hun campagnes, want zij willen graag jouw stem. Hoe meer stemmen hoe meer macht of invloed ze kunnen uitoefenen. Ze willen graag hun politieke ideeën verwezenlijken en jou laten zien dat hun plannen aansluiten bij jouw behoeften en wensen voor de Gemeente of het land. Als partij moet je ervoor zorgen dat kiezers niet na 5 minuten alweer vergeten zijn waar jij voor staat. De beïnvloedingsprincipes van Cialdini (1984) worden veel gebruikt in de reclame en ook politieke campagnes.

  1. Wederkerigheid: jij geeft mij jouw stem en ik zorg dat jouw belangen worden behartigd binnen de gemeente. De kiezer voelt zich persoonlijk aangesproken door de campagne. De politicus is dan ook ‘echt een volksvertegenwoordiger.
  2. Sympathie: de campagne speelt in op herkenning en sympathie voor de politieke kandidaten. Ze spelen in op je gevoel met de campagne. Steunbetuigingen voor de politieke partij door mensen van buiten de partij, bijvoorbeeld een vlogger, speelt in op jouw gevoel van sympathie. Een aanbeveling van iemand die gelijk is aan jou werkt nog beter. Iemand van 80 die een kandidaat aanprijzen, neem je niet zo serieus maar de mening van je klasgenoot wel.
  3. Autoriteit: mensen luisteren graag naar experts. Je volgt eerder het advies van een blogger die zich heeft verdiept in meerdere opties voor het oplossen van het woningentekort in Amsterdam dan de vakkenvuller in de supermarkt.
  4. Groepsdenken: Je wordt niet alleen beïnvloed door massamedia zoals tv, kranten en tijdschriften, maar ook door sociale media zoals Facebook en Twitter. Oftewel door je eigen vrienden. Je wordt beïnvloed door het feit dat er meer mensen in jouw omgeving zich ergens mee bezig houden of druk over maken. Als iedereen om je heen het over het vele plastic in de oceaan heeft dan raak jij ook wel geïnteresseerd.
  5. Urgentie in de problemen die je gaat oplossen. Als er veel burgers iets als een probleem ervaren, wordt de druk groter op de politiek om met een oplossing te komen. Bijvoorbeeld de aardbevingen in Provincie Groningen door de gasboringen in de Noordzee.
  6. Schaarste. Als er weinig van iets is, dan willen mensen het sneller hebben. Door in te spelen op deze hebberigheid worden mensen sneller verleid iets te kopen. Dit principe geldt voornamelijk voor reclamecampagnes en in mindere mate voor politieke campagnes.

Uitvoering - 30 min

Basisopdracht

Opdracht 1
Bekijk klassikaal de volgende campagnevideo’s en noteer met welke beïnvloedingsprincipes deze filmpjes jouw aandacht probeert te trekken.

Noteer bij elk filmpje:

  • Wat voor gevoel krijg je bij het kijken naar dit filmpje?
  • Wat is de boodschap van dit filmpje?
  • Welke trucjes passen de makers toe?
  • Word je door de media beïnvloed? En hoe?

Nederland sterker en socialer (2012) PvdA
Sybrand Buma kiest voor een beter Nederland (2017) CDA
DENKlijsttrekker Tunahan Kuzu (2017) DENK

Opdracht 2
Ook op websites gebruikt men allerlei manieren om de bezoeker te beïnvloeden. Kijk bijvoorbeeld eens op de website van Bij1, D66Amsterdam of VVD Amsterdam. Hoe probeert de website je te overtuigen om op hen te stemmen? Lukt dat?

Schrijf de bevindingen op en bespreek ze klassikaal na.

Opdracht 3
Je wordt niet alleen beïnvloed door massamedia zoals tv, kranten en tijdschriften, maar ook door sociale media zoals Facebook en Twitter. Oftewel door je eigen vrienden.

Klassendiscussie: Welke updates van vrienden worden het leukst gevonden? En welke updates krijgen nauwelijks likes? Andere interessante stellingen voor in de klas zijn:

  • Als je geen gebruik maakt van Facebook of Instagram, is het moeilijker om te weten waar iedere politieke partij voor staat.
  • Met sociale media kan ik mijn tijdlijn inrichten naar mijn politieke voorkeur.
  • Door het gebruik van sociale media kan ik mensen direct laten zien wat mijn mening is over de politiek.
  • Ik ben een betere democratisch burger door sociale media.
  • Sociale media maakt mij meer betrokken bij de politiek.
  • Online reageer ik sneller op een politieke discussies dan in een gesprek.
  • Sociale media zorgt dat ik beter weet welke politieke discussies er spelen in mijn omgeving.
  • Sociale media maken je ‘rechtser’.

Tijdens de discussie vraag je aan de studenten hoe zij denken over beïnvloeding door politieke partijen.

  • Wat is er erg aan?
  • Waar liggen de grenzen?
  • Is het altijd even duidelijk te herkennen?

 


Opdracht vereenvoudigd – Extra uitleg

Bij opdracht 1

Geef extra ondersteuning bij het kijken van de filmpjes. Zet de film op stop als er een antwoord op de vraag is gegeven. Vereenvoudig de vragen door bijvoorbeeld hints te geven m.b.t. de beïnvloedingsprincipes die voorbij komen.

Terugkijken - 10 min

Evalueren in beelden

Aan het einde van de les krijgt iedere student de opdracht om middels een plaatje uit te drukken hoe zij de les hebben ervaren. Dit kan door de studenten zelf een foto of een plaatje uit te laten kiezen, maar de docent kan ook al een reeks plaatjes en foto’s gereed hebben waar de studenten uit kunnen kiezen. Zodra de student een foto of plaatje heeft uitgezocht vertelt hij kort waarom hij voor dit plaatje heeft gekozen. Dit kan gaan over hoe hij de les heeft ervaren, maar ook over wat het met hem het meeste zal bijblijven uit de afgelopen les.

Bij deze evaluatie hoeft niet per se iedere student aan bod te komen. Het kan ook een vaste vorm van evalueren aan het einde van de les zijn waarbij steeds twee studenten aan bod komen om hun verhaal te doen.

 

Kijk voor meer inspiratie voor activerende werkvormen op www.activeerjeles.nl

Onze lessen vallen onder de Creative common licentie